Indeed, new perspectives for Indian design education


Volgers op Twitter is het niet onopgemerkt gebleven. Dit jaar ben ik al twee keer in India geweest. Dat zit zo: ergens in juni van dit jaar ontving ik een belletje. Of ik mee wilde. Vanuit de Indiase regering was de vraag gesteld wat Nederland zou kunnen betekenen in het ontwikkelen van design onderwijs in India. Die vraag moest ergens landen in Nederland en kwam, via de ambassade in Delhi, terecht bij de faculteit Industrieel Ontwerpen in Delft. Daar was al eerder ervaring opgedaan met zogenaamde fact finding missies zoals naar Hong Kong in 2005. Genietend van een korte sabbatical – lees: tijd zat – was het niet ingewikkeld om meteen ja te zeggen. In 2008 had ik al een keer gesproken op de Design Yatra en ervaring en contacten opgebouwd, en ook dit jaar had ik weer de eer om op dit prachtige evenement te mogen spreken.

14 oktober 2011

Wat is het geval? India, met een bevolking van ruim 1,2 miljard zielen, zit economisch in de lift maar de regering is zich er van bewust dat er de komende jaren nog een fiks aantal grote uitdagingen liggen. Zo vindt de meeste groei plaats in de steden en blijft het platteland daarin achter. Daarnaast is er de enorme uitdaging om de ‘informal settlements’ (lees: de sloppenwijken) te ontwikkelen, te transformeren en uit hun isolement te trekken. De Indiase regering realiseert zich dat context-georiënteerde innovaties van cruciaal belang zijn om verder te komen. Er zijn echter te weinig opleidingen op het gebied van design & innovatie om voldoende capabele mensen af te leveren de komende decennia. Daar wil men de komende jaren in rap tempo veranderingen in aanbrengen. Er is haast bij geboden omdat andere Aziatische landen als China en ook Singapore al een flinke voorsprong hebben.

Waarom dan ontwerpers uit de praktijk inschakelen als het om educatie gaat? Het plan voorziet niet alleen in het ontwikkelen van de opleidingen maar ook in het vergroten van het bewustzijn van wat de toegevoegde waarde kan zijn van ontwerpers in veranderingsprocessen. En dat is niet vanzelfsprekend in een cultuur die, als het gaat om innovaties, nogal engineered driven is. In alle gevoerde gesprekken de afgelopen maanden is dit aspect dan ook als een van de grootste te tackelen hindernissen naar boven komen drijven. Een ander deel van het onderzoek toont aan dat de behoeftes vooral liggen op het gebied van ontwerpopleidingen die wat kunnen betekenen op het gebied van het ontwikkelen van geïntegreerde product-service. Mocht de Indiase regering enthousiast worden over het plan dan zal er zeker een beroep worden gedaan op de Nederlandse ontwerpwereld voor onder andere het ontwikkelen van showcases.

De eerste trip leidde naar Mumbai, Ahmedabad en Dehli. Tijdens de tweede trip werden Bangalore en Goa aangedaan. Er werd gesproken met de belangrijkste opleidingsinstituten, bedrijven en ontwerpers/ontwerpbureaus. Een aantal daarvan hebben zich bereid verklaard mee te schrijven aan het plan. De kern van het Indeed Project Team bestaat nu uit Cees de Bont (decaan / IO / TU Delft), Erik Jan Hultink, Paul Hekkert, Prabhu Kandachar, Joyce ten Berghe (allen IO TU-Delft), Peter Kersten (BNO), projectleider Liesbeth Bonekamp en ondergetekende. Daarnaast hebben ook de Design Academy, Hogeschool Windesheim en Hogeschool van Arnhem en Nijmegen hun medewerking toegezegd, evenals Maarten Regouin, oud-directeur van de St. Joost Academie in Breda. Ook bureaus als Flex hebben al interesse getoond om eventueel mee te werken. Na toezeggingen van de Indiase regering zal dit naar verwachting nog worden uitgebreid.

Op dit moment wordt er zowel in Nederland als in India geschreven aan het gezamenlijke plan dat ergens in november gepresenteerd zal worden aan een delegatie van de Indiase regering. Dit plan bestaat uit een breed scala aan ideeën en programma’s over hoe het ontwerponderwijs uit te breiden en naar een hoger plan te tillen. Daarnaast liggen er dan ook voorstellen voor programma’s om het bewustzijn te vergroten van industrie en overheid als het gaat om de toegevoegde waarde van ontwerpers. Ergens de komende maanden neemt de Indiase regering een beslissing over hoe verder. Wordt ongetwijfeld vervolgd.

En gaat Fabrique dan naar India? In de altijd aanwezige drang om door te ontwikkelen en te veranderen gaan we overal kijken. De eerlijkheid gebied te zeggen dat we onze handen meer dan vol hebben aan Nederland en er geen concrete plannen zijn. Maar je weet nooit hoe we daar in de toekomst over denken.

Lees ook het artikel Confusion op nonfiXe.nl