Content

corporate story

Delft, begin jaren negentig van de vorige eeuw. Jeroen van Erp, Theo Wolters en René Bubberman zijn net afgestudeerd aan de afdeling Industrieel Ontwerpen van de TU Delft. Jong en enthousiast werpen ze zich op freelance opdrachten. Het drietal deelt een passie voor resultaatgericht ontwerpen. En een faxapparaat. Rondom het faxapparaat besluiten ze de krachten te bundelen, vooral om hun afzonderlijke portfolio’s wat meer body te geven. Al snel sluiten grafisch ontwerper Paul Roos en specialist in computergraphics Erwin Zwart zich aan bij het nieuwe collectief.

In 1992 gaan de vijf onder één naam verder. Als ontwerpers hebben ze in ieder geval één ding gemeen: ze zijn niet geïnteresseerd in oppervlakkig ‘design’, maar ontwerpen op gestructureerde wijze producten die realiseerbaar zijn. Omdat er echt dingen ‘gemaakt’ worden kiezen ze voor de naam ‘Fabrique’. In het Frans. Dat klinkt niet alleen wat chiquer, het betekent dan bovendien ook ‘weefsel’ en ‘structuur’.

De opdrachtenportefeuille bestaat de eerste jaren uit werk voor verschillende (zelfs zeer verschillende) opdrachtgevers. Spraakmakende cd-hoesjes voor cultband Hallo Venray naast grote opdrachten voor de NS. Theaterposters voor Freek de Jonge naast de inrichting voor de ING Bank. Business to business naast entertainment. Grafisch ontwerp naast industrieel ontwerp. In de beginjaren van Fabrique zijn het nog volkomen gescheiden werelden…

Content is king

Netscape 1.0 - de allereerste internetbrowser met grafische mogelijkheden –  is in 1994 net gelanceerd als Fabrique de eerste opdracht voor het ontwerpen van een internetsite krijgt. Bij het maken van websites komt de kennis en ervaring van Fabrique op verschillende gebieden samen. De ervaring met grafisch ontwerpen, waardoor een heldere opzet van de webpagina’s kan worden gemaakt. De kennis van beeldschermpixels vanuit de computergraphics. En -niet te vergeten- de ervaring met het ontwerpen van user interfaces, gebruiksvriendelijke producten.

Meer dingen komen op het World Wide Web samen. ABN Amro komt bij Fabrique met een opdracht voor een website. Niet omdat ze zo onder de indruk zijn van inrichting van de ING Bank, maar omdat Fabrique ook voor de Vara werkt. Daarna belt Sony Music. Niet omdat ze de cd-hoesjes voor de 2 Meter Sessies hebben gezien, maar omdat Fabrique ook voor de ABN werkt. Business to business en entertainment – tot dan toe twee volkomen gescheiden werelden – ontmoeten elkaar op het internet.

Vermaak en zakenwereld hebben elkaar opeens nodig. De (potentiële) klant moet naar de website worden gelokt met boeiende inhoud, ofwel ‘content’ zoals het in de snelle webwereld heet. Voor websites geldt al snel één gouden regel: content is king. Een uitgangspunt waar Fabrique als geen ander bureau mee kan werken.

It looks like it sounds

Naast de websites blijft Fabrique werken aan een grote diversiteit aan opdrachten. De muziekindustrie is een van de belangrijke opdrachtgevers. Fabrique maakt cd-hoesjes voor een breed scala aan artiesten en muziekstromingen; van de eerste country cd van Albert West tot de vreemde acid jazz van Wild Onions.

In 1997 presenteert Fabrique de cd-hoesjes in een overzichtstentoonstelling. De titel van de tentoonstelling is veelzeggend en – nog steeds – tekenend voor de ontwerpopvatting van Fabrique: ‘It looks like it sounds’.  Aan de hoes, de verpakking, het design, moet je kunnen ‘horen’ wat de inhoud is. Niet de stijl van Fabrique, maar de inhoud bepaalt het eindresultaat. Vanuit die inhoud wordt gewerkt aan een ontwerp. Content is king.

Artists, engineers & storytellers

Eind jaren negentig groeit Fabrique snel. De afdeling Industrieel Ontwerpen van de TU Delft blijft een belangrijke bron voor nieuw personeel. Er stromen ook veel ontwerpers van verschillende kunstacademies binnen. Het structurele denken van de academisch geschoolde industrieel ontwerpers wringt soms met de ‘vrije’ creativiteit van de ontwerpers afkomstig van de academies. Nog vaker leidt het tot verrassende oplossingen. Academisch en academies; het maakt Fabrique tot een unieke verzameling van artists, engineers and storytellers.

Door de snelle groei is ook een nieuwe structuur noodzakelijk. Fabrique gaat werken in teams. Deze teams zijn zó samengesteld dat zowel ‘artists’ als ‘engineers’ en ‘storytellers’ vertegenwoordigd zijn. Contact met de klant gebeurt niet via account managers en traffic managers, maar via projectleiders die zelf ook een ontwerp- of communicatieopleiding gevolgd hebben. Zo worden de lijnen van opdrachtgever naar ontwerpers kort gehouden. Dat maakt Fabrique tot een heel open bedrijf.

Complexiteit

Rondom de millenniumwisseling spat de internetzeepbel uit elkaar. Veel kaartenhuizen storten in. Maar terwijl de internetcowboys en designbehangers het loodje leggen blijft Fabrique fier overeind! Sterker nog: geheel tegen de stroom van de dalende conjunctuur in blijven alle afdelingen van Fabrique groeien. Fabrique is geen lege zeepbel die uit elkaar kan spatten, want Fabrique heeft altijd gewerkt vanuit de inhoud.

De rol van Fabrique – en van ontwerpbureaus in het algemeen – verandert in het nieuwe millennium wel. De opdrachten worden complexer en opdrachtgevers vragen steeds méér van een ontwerpbureau. Design houdt niet op bij het aanleveren van een ontwerptekening of templates voor een website. Ontwerpen wordt steeds meer meedenken. Strategisch meedenken over complexe problemen. Meedenken over vorm én inhoud. Over identiteit én communicatie. Een rol die goed bij Fabrique past.

In navolging van ‘It looks like it sounds’ wordt ‘design follows personality’ het credo. Fabrique kan structuur brengen in grote en ingewikkelde projecten. Het maakt niet uit of het resultaat een website, een gevelidentiteit of een huisstijl is. Of een website, een gevelidentiteit én een huisstijl. Fabrique is van oudsher sterk in het geïntegreerd toepassen van de verschillende ontwerpdisciplines.

Amsterdam

In 2007 viert Fabrique het 15-jarig bestaan. Met ruim 85 werknemers is Fabrique uitgegroeid tot een van de grootste en bekendste bureaus van Nederland. Met een volle prijzenkast en een schat aan ervaring. Met grote opdrachtgevers als Albert Heijn, ThiemeMeulenhoff en TNT. Maar daarnaast ook nog steeds kleinere, meer alternatieve klanten als poptempel de Effenaar en het Lowlandsfestival. De nieuwsgierigheid en de ‘jonge honden-mentaliteit’ - altijd sterke punten van Fabrique – blijven zo behouden.

De nieuwsgierigheid brengt Fabrique bijvoorbeeld naar Amsterdam. In februari 2007 opent een nieuwe afdeling in het hart van de creative city. Om dichter bij sommige klanten te zitten, nieuwe bronnen voor medewerkers aan te boren en de eigen horizon te verbreden. Afdeling Amsterdam is van het begin af aan crossmediaal; zonder onderscheid tussen grafisch en nieuwe media opdrachten.

Ook in Delft worden de grenzen tussen grafische vormgeving en nieuwe media definitief geslecht. De verschillende teams worden samengevoegd in twee crossmedia afdelingen, waar de artists, engineers and storytellers net zo makkelijk een nieuwe huisstijl voor Essent verzorgen als een actiesite voor Heineken.

De toekomst

Fabrique wil verder. Fabrique wil scherp blijven. Of zelfs nóg scherper worden. In de beginjaren liet Fabrique zich meevoeren op de golven, vaak verrast door het eigen succes. Nu wil Fabrique zelf bepalen waar het heen gaat, de ontwikkelingen sturen en ‘veroorzaken’. Paradigma’s verschuiven met ontwerpen die ‘Most advanced, yet acceptible’ zijn, zoals ontwerper Raymond Loewy het al in de vorige eeuw uitdrukte. Want Fabrique wil ook in de toekomst nog veel spraakmakend werk maken.

corporate story 1

corporate story 2

corporate story 3

corporate story 4

corporate story 5

corporate story 6

Ga terug naar de navigatie